BEX-voordeel in 2018? Kan lager uitvallen dan in 2017!

Bedrijfsspecifieke Excretie


Als de werkelijke excretie van uw melkveestapel niet overeen komt met de forfaits voor melkvee kunt u daarvan afwijken met behulp van een berekening via de Handreiking bedrijfsspecifieke excretie (BEX).



In 2018 is de handreiking geactualiseerd. Er zijn een aantal wijzigingen doorgevoerd. Dit betekent dat de rekenregels van de BEX-berekening en Kringloopwijzer zijn aangepast voor het jaar 2018:
In de voorwaarden staat nu een ondergrens voor de melkproductie van de melkkoeienstapel en een bovengrens voor het aandeel jongvee ten opzichte van de melkkoeien. Ook moet u grasland of natuurterrein met hoofdfunctie natuur dat u gebruikt, meenemen in de BEX-berekening als iets wat tot het bedrijf behoort.
Het gemiddelde lichaamsgewicht van volwassen zwartbonte melkkoeien is 650 kg. Dit was 600 kg. Dat van een kruising van een zwartbonte koe en een Jersey-stier, of eventueel andersom, is 525 kg. Dat was 500 kg. Hierdoor zijn ook de lichaamsgewichten van het jongvee aangepast.
De netto-energietoeslagen voor melkkoeien en jongvee zijn onder andere door de herziening van de lichaamsgewichten ook veranderd. Deze herziening heeft ook geleid tot veranderingen in de formules voor berekening van de VEM-opname uit vers gras, grasproducten en snijmaïskuil.
Het vervangingspercentage in de melkveestapel is 28%. Dat was 30%. Ook het aantal kalveren, geboren per koe en per stuks jongvee dat ouder dan een jaar is, per kalenderjaar is geactualiseerd: 0,70 respectievelijk 0,79.
De energiebehoeften of VEM-opnames van overige graasdieren zijn herzien.
In de gasvormige verliezen is uitgegaan van de berekeningswijze in de rekentool Bedrijfsspecifieke Emissie van Ammoniak (BEA). De mate van ammoniakemissie hangt sterk samen met de hoeveelheid Totaal Ammoniakaal Stikstof (TAN) die aanwezig is of wordt gevormd in de mest. Er wordt daarbij rekening gehouden met het verschil tussen verteringscoëfficiënten van het ruw eiwit in de onderscheiden voeders en met het verschil tussen ammoniakemissies uit onderscheiden staltypes. In de vorige Handreiking BEX werd uitgegaan van vaste emissiefactoren voor drijfmest en vaste mest, onderscheiden naar de 3 diercategorieën melkvee.

BEX-voordeel kan wijzigen in 2018!
Door deze aanpassingen kan het BEX-voordeel van 2017 niet zomaar als inschatting voor 2018 toegepast worden. Let hierop en voorkom verrassingen over boekjaar 2018.
Wat ook meespeelt is het bijzondere groeiseizoen in 2018. Een nat voorjaar met extreme grasgroei in begin mei. Dit heeft geleid tot meer Ruw Eiwit (RE) in de voorjaarsgraskuilen met een gemiddelde VEM. In de tweede snede viel de gemiddelde VEM-waarde juist tegen door de droogte. De najaarskuilen zullen naar verwachting weer eiwitrijk zijn. Kortom, het RE-gehalte van de totale (gras)ruwvoervoorraad is naar verwachting hoger dan in 2017 bij een gelijkblijvende of lagere VEM. Vraag is verder hoe de kwaliteit van de mais was in 2018. Lagere opbrengsten en minder zetmeel is de verwachting. Kortom de kwaliteit en de kwantiteit van het zelf gewonnen ruwvoer zal anders zijn dan in 2017! Dit leidt tot een ander rantsoen en andere uitkomsten van de BEX in 2018. Houd hier rekening mee bij uw inschatting van het mogelijke BEX-voordeel in 2018. Dit kon wel eens lager worden dan u denkt!

Mogelijk heeft dit gevolgen voor uw mestboekhouding.

Wilt u meer  informatie, dan kunt u terecht bij Dick Jan Koster, 06-230 581 94, mail: dj.koster@ppp-agro.nl

 

Print
0 Reacties

Dick Jan KosterDick Jan Koster

Andere items van Dick Jan Koster

Contact auteur

Uw naam
Uw e-mailadres
Onderwerp
Geef uw bericht in ...
x